Het verhaal gaat dat Tom Bowen op zijn werk regelmatig mensen hielp die ergens pijn hadden. Met kleine, eenvoudige rolbewegingen op het lichaam wist hij verlichting te geven. Al snel deden de verhalen over zijn bijzondere manier van werken de ronde. Steeds meer mensen wisten hem te vinden en kwamen bij hem thuis voor een behandeling.
De belangstelling groeide zo snel dat Tom uiteindelijk zijn baan opgaf en zich volledig richtte op het behandelen van mensen. Vanuit zijn huurhuis in Geelong bouwde hij een drukbezochte praktijk op.
Een bijzonder onderdeel van zijn werk was zijn gratis spreekuur voor mensen met een beperking. Eén zaterdag per maand behandelde hij ongeveer twintig kinderen en volwassenen. Onder hen waren mensen met onder andere dwarslaesies, spina bifida en neurologische aandoeningen. Volgens de verhalen waren de resultaten soms opmerkelijk. Na het overlijden van Tom zette Kevin Ryan, de laatste persoon die met hem samenwerkte, dit gratis spreekuur nog twaalf jaar voort.
Werken vanuit intuïtie
Tom Bowen werkte vooral vanuit zijn sterke intuïtie en zijn gevoel voor de individuele persoon. Hij volgde geen vaststaand behandelprotocol, maar keek goed naar degene die voor hem lag en reageerde daarop.
Dat maakt zijn manier van werken soms moeilijk te verklaren. Veel van zijn ideeën en technieken waren voor die tijd ongebruikelijk. Toch waren het volgens de mensen die met hem werkten vooral de resultaten die ervoor zorgden dat zijn manier van behandelen steeds meer bekendheid kreeg.
Tom adverteerde nauwelijks en gaf zijn methode aanvankelijk geen bijzondere naam. Hij noemde zichzelf osteopaat, een titel die in Australië destijds nog niet gereguleerd was. Toch groeide hij uit tot één van de drukst bezochte therapeuten in de wijde omgeving.
In 1974 onderzocht een commissie van de Victoriaanse overheid de verschillende vormen van alternatieve gezondheidszorg. Tom Bowen leverde informatie aan voor dit onderzoek. In het uiteindelijke rapport werd vermeld dat hij naar eigen zeggen ongeveer 13.000 behandelingen per jaar uitvoerde. Opvallend daarbij was dat het grootste deel van zijn cliënten slechts één of twee behandelingen nodig zou hebben gehad.
De mensen achter de Bowen Technique
Tom Bowen hield zijn kennis lange tijd vooral voor zichzelf. Slechts een klein aantal mensen kreeg de gelegenheid om zijn manier van werken van dichtbij te observeren.
Onder hen waren Oswald Rentsch, Keith Davis, Nigel Love, Kevin Neave, Romney Smeeton en Kevin Ryan. Zij werden later bekend als Tom’s Boys.
Tom gaf hen geen traditionele opleiding. Ze mochten vooral kijken, observeren en aantekeningen maken terwijl hij werkte. Sommigen liepen jarenlang een halve dag per week met hem mee.
Na het overlijden van Tom Bowen gingen deze mensen ieder op hun eigen manier verder met zijn werk. Interessant is dat zij niet allemaal precies dezelfde interpretatie van zijn methode hadden. Juist daardoor ontwikkelden zich in de loop der jaren verschillende stromingen binnen de Bowen Technique.
Van Tom Bowen naar Bowen Therapie
Wat begon met de intuïtieve manier van werken van één Australische therapeut, groeide uiteindelijk uit tot een behandelwijze die tegenwoordig in verschillende landen wordt toegepast.
De basis bleef echter hetzelfde: subtiele bewegingen, aandacht voor het lichaam en vertrouwen in het vermogen van het lichaam om zelf te reageren.
